Schorseneer fritters, borrelhapje:
500 g schorseneren
citroensap of azijn
225 gram zelfrijzend bakmeel + extra
300 ml mineraalwater met koolzuur
olie om te frituren
Boen de schorseneren schoon onder stromend water. Schil ze met een dunschiller en snijd ze in stukken van 4-5 cm. Leg ze in een bak water met een kneepje citroensap of scheutje water. Kook de schorseneren in weinig water met zout in 8-10 minuten beetgaar. Laat ze goed uitlekken.
Klop intussen met een vork een dik, glad beslag van het bakmeel, een snuf zout en 250 ml mineraalwater; verdun het beslag eventueel met het resterende mineraalwater maar zorg dat het een dik beslag blijft. Voeg wanneer het beslag te dun is een lepel extra bakmeel toe.
Verhit de olie. Rol de schorseneren door het extra bakmeel en haal ze een voor een door het beslag. Laat ze langzaam in de olie zakken en bak de fritters in 4-5 minuten rondom goudbruin en knapperig. Laat ze uitlekken op keukenpapier en serveer de schorseneer fritters met citroen-kervelmayonaise: breng je favoriete mayonaise op smaak met versgehakte kervel en een kneepje citroen.











1 reactie
Ik heb het nog niet uitgeprobeerd, maar ik durf rustig te zeggen, dat ik wel een neus heb voor lekkere dingen. En dit is zo’n lekker ding!
Die ga ik echt uitproberen, ‘t lijkt me heerlijk. Daarna wil ik eens meer met de groente gaan doen.